Hoe maak ik een AAVSO kaart aan?

Huubke

Uranus
Om een veranderlijke ster te schatten heb je natuurlijk een kaart nodig. Om conformiteit in de schattingen te bewaren is het nodig dat alle waarnemers zoveel mogelijk dezelfde kaarten gebruiken. In de praktijk loopt dit soms wel mis maar 90% van alle variabilisten wereldwijd gebruiken toch dezelfde kaarten. Een bron die de meeste waarnemers gebruiken is de AAVSO. De AAVSO heeft een kaartplotter ter beschikking gesteld van alle waarnemers. Dit is de Variable Star Plotter of kortweg VSP. Via deze tool kan iedereen gratis kaarten aanmaken om zijn favoriete variabelen te schatten. Hoe dit in zijn werk gaat zal ik hier uitleggen aan de hand van een voorbeeld.

De kaart die ik ga maken is voor de variabele R Leonis. R Leo is de eerste veranderlijke ster die werd ontdekt in het sterrenbeeld de Leeuw. R Leo is een zeer populaire variabele die in het bereik ligt van een verrekijker en kleine kijker. Een ideale ster om mee te beginnen.

Het eerste wat ik doe is op de link naar de VSP klikken: http://www.aavso.org/vsp en dan krijgt je onderstaand beeld op je scherm.

1.PNG


In de eerste balk moet je de naam van de ster in vullen die je wil waarnemen. In dit geval R leo.

In de tweede balk kan je de grootte van je beeldveld definiëren. Dat kan je doen aan de hand van al enkele op voorhand vastgelegde beeldvelden die door een letter worden voorgesteld. Ieder beeldveld heeft ook zijn grensmagnitude.

A= 15° tot magnitude 9
B= 3° tot magnitude 11
C= 2° tot magnitude 12
D= 1° tot magnitude 14.5
E= 0.5° tot magnitude 16.5
F= 0.25° tot magnitude 18.5

Deze waardes liggen dus vast aan de letter die je ingeeft in de balk. Het is echter niet nodig om deze reeds voor gedefinieerd waardes te gebruiken. Er is ook de mogelijkheid om alles zelf aan te passen naar eigen noden. Dat zal lager in het sticky worden uitgelegd hoe je dat doet.

Het derde wat je kan aanklikken is de kaart oriëntatie. Als je met een dobson of newton waarneemt klik je op Visual. Gebruik je een SCT of een refractor klik je op Reversed. Visual geeft je een omgekeerd beeld zoals in een newton. Dan is het zuiden beneden en het oosten staat rechts. Reversed is een gespiegeld beeld zoals in je SCT of refractor. Wees dus zeker dat je op voorhand weet welk de oriëntatie is van je gebruikt instrument. Omdat het hier over visueel waarnemen gaat is de knop CCD hier niet van toepassing.

Belangrijk om te weten is dat je die newton kaart (dus Visual) ook kan gebruiken met een verrekijker of telescoop met een rechtopstaand beeld. Je hoeft de kaart dan gewoon om te draaien. Dan staat het noorden bovenaan en het oosten links zoals het in de werkelijkheid is.

Omdat R Leo in haar maximum magnitude 4 kan halen is het nodig om een kaart te maken die een groot beeldveld heeft om voldoende vergelijksterren in beeld te hebben. In dit geval maak ik een A-kaart aan. Een beeldveld van 15° bevat alle vergelijksterren die nodig zijn. Omdat ik waarneem met een dobson klik ik Visual aan. Als R Leo helderder is dan magnitude 8 gebruik ik een verrekijker of mijn zoeker met rechtopstaand beeld. In dat geval hoef ik dus alleen de kaart maar om te draaien om mij te oriënteren. De magnitudes van de vergelijksterren staan dan wel omgekeerd maar dat is geen probleem. Als ik dan klik op Plot a chart krijg ik onderstaande kaart.

1.png


Met deze kaart is het mogelijk de helderheid van R Leo te schatten tot ongeveer magnitude 8.8. Dat is de zwakste ster op de kaart. R Leo kan zwakker dan magnitude 11 worden in haar minimum. Het is dus nodig om een tweede kaart te maken met een kleiner beeldveld en zwakkere vergelijksterren. In dit geval maak ik een C-kaart. Het beeldveld is 2 graden en de zwakste vergelijkster zal magnitude 12 zijn. Voldoende om R Leo in zijn minimum te schatten. Ik verander de parameter van A naar C zoals in voorbeeld.

C kaart.PNG

En krijg dan onderstaande kaart.

1.png

Nu is het beeldveld maar 2 graden groot en de zwakste vergelijkster is magnitude 11.7.

Je hebt nu al de kaarten die nodig zijn om de helderheid van R Leo te schatten door zijn ganse cyclus.

Er zijn echter nog geavanceerde opties die onderaan kunnen ingevuld worden. Deze hoef je in eerste instantie niet te gebruiken omdat de voor gedefinieerde kaarten voldoen voor de meeste variabelen. Je kan hier het beeldveld, grensmagnitude, afdrukresolutie, oriëntatie enz... wijzigen. Er is ook de mogelijkheid om een binokaart af te drukken. Hierdoor komen er alleen maar magnitudes op de kaart die geschikt zijn om met een verrekijker waar te nemen. De geavanceerde opties zie je hieronder.


naamloos.PNG


De volgorde die ik heb gevolgd is voldoende om alle kaarten aan te maken die nodig zijn om een variabele te schatten. Indien er zich toch nog problemen met het maken van een kaart voor doen kan je gewoon even een vraag hierover stellen in dit forum. Er zijn genoeg ervaren leden aanwezig die je kunnen helpen met het maken van de kaarten.

Succes met het maken van de kaarten en het waarnemen van variabelen.
 
Bovenaan Onderaan